Daar ging ik dan, voor het eerst naar Afrika en wel naar één van de meest westelijke landen in het continent, nl. Gambia. En ja, wat moet je daar eigenlijk van verwachten, geen idee? Vol verwachting stapte ik in het vliegtuig en met een tussenstop in Malaga, vloog ik in ca. 6 uur naar het land van bestemming.
Gambia is vooral een bestemming voor de zonaanbidder, in het droge seizoen dan, al zijn er zeker een aantal dingen die je gezien moet hebben voordat je weer het vliegtuig instapt naar huis. Er zijn verschillende manieren om het land beter te leren kennen, zo zijn er de georganiseerde (groeps)excursies die geboekt kunnen worden bij de touroperators of je kunt met een officiële, lokale tourguide op stap gaan. Je kunt zelf bepalen hoe de dag eruit ziet en de guide zal je daarbij helpen en je alles vertellen over de plaats of bezienswaardigheid. Voor, pak ‘m beet, 14 euro gaat hij de hele dag met je mee, het enige wat je zelf moet regelen is het vervoer, maar ook dat is geen probleem. Afhankelijk van de regio waar je naartoe wilt, kun je ook voor een gering bedrag de hele dag een taxi huren die je overal naartoe brengt.
Behalve alle dingen die ik de eerste week al tegenkwam, had ik voor mijn vrije dag een trip geboekt via de Nederlandse reisleiding, om een beter beeld te krijgen van het land en de plaatselijke bevolking. ‘s Ochtends om kwart voor 9 stond ik klaar om te worden opgepikt door een zgn. stoere truck. Ik wist niet helemaal wat dat betekende, maar ik denk dat dit de enige juiste omschrijving is van het voertuig. Na alle deelnemers bij de verschillende hotels te hebben opgehaald, ging de Adventure South Gambia Experience dan echt beginnen. Een afslag van de verharde weg en het begint direct. De wegen zijn natuurlijk niet echt comfortabel en dat voel je, je wordt flink door elkaar geschud. Na ongeveer een half uurtje rijden en daarbij slechts enkele kilometers te hebben afgelegd, kwamen we aan bij onze eerste stop. We gingen palmwijn drinken, een lokaal drankje dat wordt gemaakt uit het sap van de stammen van palmbomen. Het stinkt vreselijk, maar de smaak is niet verkeerd, een beetje zuur, maar zeker iets dat je geproefd moet hebben.
Deze excursie wordt zo’n 3x p.w. gemaakt, dus weten de kinderen in de omgeving ook dat er weer een truck met toeristen aankomt en daar valt altijd wel iets te halen. Dus zodra je uit de truck stapt, word je omgeven door een stel krioelende kinderen, die van alles van je willen. Het is dus ook zeker een goed idee om wat dingen, zoals snoep, kleren of schriften of pennen, mee te nemen, je maakt ze daar erg blij mee. Voor mij persoonlijk was het wel even schrikken, het is zo anders dan hier, maar je ziet ook dat de kinderen wel erg blij zijn, dus dat maakt veel goed!
Ik heb ook nog wat aankopen gedaan bij de dame met souvenirs. Onderhandel goed over de prijs, want het eerste aanbod wat ze doen, is veel te hoog. Maar ja, zelfs dan is het voor onze begrippen nog niet eens heel duur…
Ook gingen we op bezoek bij een school, helaas waren er die dag geen kinderen i.v.m. de viering van de onafhankelijkheidsdag van Gambia. Maar de hoofdmeester heeft ons toch informatie gegeven over het schoolsysteem en hoe ze afhankelijk zijn van giften, aangezien het niet verplicht is om naar school te gaan.
Na dit bezoek ging de reis verder naar het mooiste stukje strand van Gambia: Paradise Beach, waar tevens de lunch geserveerd werd. En ik moet zeggen, waar je ook komt, waar je maar gaat eten, het is eigenlijk altijd erg lekker en goed. Na een uurtje of 2 te hebben relaxed op het strand, bezochten we Tanji. Een vissersdorp in het zuiden van het land. Hier kom je echt terecht in het dagelijkse Afrikaanse leven, de mannen op de vissersboten in het water, de vrouwen op het strand om de vis te verkopen. Een mooi tafereel om te zien. Tot slot gingen we nog likeurtjes proeven bij Kim Kombo, een bedrijf dat wordt gerund door 2 Engelse broers en vnl. likeuren maakt van de cashewvruchten. Ondanks dat de likeurtjes lekker waren, is dit mij iets te veel op de toeristen gericht. Want natuurlijk is het de bedoeling om na de proeverij wat flessen in te slaan om mee naar huis te nemen.
Er zijn natuurlijk vele andere dingen te zien, o.a. de krokodillenvijver in Bakau en het Bijilo Forest Park, beter bekend als Monkey Park, want je kunt hier o.a. 2 soorten apen zien, waarvan de groene versie heel dichtbij komt en absoluut niet mensenschuw is!
Al moest ik eerst een beetje wennen in Gambia, uiteindelijk word je toch overweldigd door de vriendelijke bevolking en is het zeker een plek die ik graag nog eens bezoek.
Copyright TSi Solutions / Toeristiek 2007. Alle rechten voorbehouden.
Op gebruik van deze site zijn de volgende voorwaarden
van toepassing.