De voormalige Nederlandse Antillen zijn vaak negatief in het nieuws geweest vanwege bolletjesslikkers, criminaliteit of Antilliaanse jongeren, die het verbruien in Nederland. Onze destination researchers gingen dan ook met een extra dosis nieuwsgierigheid op pad naar de eilanden Curaçao, Bonaire, Aruba en St. Maarten/St. Martin.
Het leuke van de eilanden is dat ze allemaal hun eigen, unieke karakter hebben. Het eiland dat het beste bij je past, hangt dus eigenlijk af van jouw behoeften op dat moment. Curaçao, Bonaire en Aruba zijn vrij droge eilanden met vnl. lage begroeiing, cactussen en de voor de Antillen typerende divi-divi boompjes. Om een beeld te geven van de 4 eilanden, hierbij kort een overzicht:
 |
Curaçao heeft relatief weinig écht Caribisch witte stranden. Er zijn enkele aangelegde stranden en verspreid over het eiland zijn meerdere, kleine zandstrandjes waar je even naar moet zoeken. Het eiland is erg Nederlands georiënteerd. Zo zijn er veel Nederlanders die er werken, wonen of stage lopen, maar er zijn bv. ook veel Nederlandse restaurantjes en winkels waar men Nederlandse producten verkoopt. Curaçao is wat ruwer, wat minder gepolijst als bv. Aruba, maar daarom ook wat uitdagender. Het eiland is vrij divers en daarom zul je je er als toerist niet zo snel vervelen. |
 |
Bonaire is een klein, vrij droog eiland, eigenlijk meer een groot dorp. Het duiken staat er absoluut centraal, overal zijn duikshops en zijn mensen met duikspullen in de weer. Het water is echt prachtig blauw en helder en er zijn vrijwel geen stranden. Vanaf de kant kun je zo het water in en het koraalrif bekijken, dus ook voor snorkelaars ideaal. Het is echt ons kent ons op het eiland, erg gemoedelijk en vriendelijk. Voor de toerist die iets meer vertier zoekt dan duiken of snorkelen, is dit eiland echter wat minder geschikt. |
 |
Aruba, tja, die stranden hè...? Die zijn hier wel het mooist van alle eilanden. Oogverblindend wit, blauwe zee, écht plaatjes. Alles op dit eiland is goed geregeld, het is er veilig en opgeruimd. Geen wonder dat dit eiland de meeste Amerikanen trekt, wat wel een stempel op dit eiland zet. Zo hoor je heel de dag Amerikaans om je heen en zijn er tevens veel fastfood-ketens te vinden. |
 |
St. Maarten/St. Martin is een beetje een geval apart. Sowieso vanwege de ligging, maar ook vanwege het uiterlijk. Dat het eiland een stuk noordelijker ligt dan de overige eilanden, is goed terug te zien in de vegetatie. Fraai begroeide heuvels, in tegenstelling tot de vlakke, droge ABC-eilanden. Een ander opmerkelijk verschil is de 2-deling van het eiland in een Nederlands en een Frans geregeerd deel. Grappig is dat het Franse deel ook daadwerkelijk anders oogt dan het Nederlandse deel. Het Nederlandse deel is wat rommeliger en commerciëler dan het Franse deel, mede doordat de grote cruiseschepen uit Amerika aanmeren in Philipsburg, de Nederlandse hoofdstad. Het Franse deel kenmerkt zich door vriendelijk ogende dorpjes met natuurstenen muren, haventjes en goed onderhouden begroeiing en straten. De taal en de vele Franse restaurantjes in een Caribisch jasje maken dit deel van het eiland tot een sfeervol geheel. |
Tot zover enkele kenmerken van de diverse eilanden. Waar we het echter nog niet over hebben gehad, is de plaatselijke bevolking. Wat op alle eilanden eigenlijk het meest opvallend is, is de diversiteit aan nationaliteiten, kleuren en talen. De mensen leven allemaal in harmonie met elkaar, daar kunnen wij in Nederland nog een hoop van leren. In Nederland pretenderen we vaak dat wij een progressief, harmonieus land zijn, maar in vergelijking met deze eilanden stelt dat bij ons eigenlijk weinig voor. Het is onterecht dat de eilanden zo vaak in een negatief daglicht staan, terwijl er zoveel positiefs over te zeggen valt. De vriendelijkheid en behulpzaamheid van de bewoners voelt als een warme deken en door de vele kleuren van de eilanden en de altijd heerlijk verkoelende wind absoluut de moeite van het bezoeken waard.